Soms blijft een zin niet hangen door moeilijke woorden, maar door zijn vorm. Een chiasme keert de onderdelen om en geeft taal iets van een spiegel. Als schrijver ga ik zulke zinnen bijna vanzelf hardop lezen.
Soms schuif ik woorden heen en weer tot een zin ineens ritme krijgt. Bij een chiasme komt dat ritme uit de omkering. Het tweede deel kijkt als het ware terug naar het eerste.
De proef van het hardop lezen
Op papier kan een spiegelconstructie keurig kloppen en toch gemaakt klinken. Daarom lees ik zulke zinnen hardop. Struikel ik over de vorm, dan heeft de techniek de betekenis overgenomen en moet de zin eenvoudiger.
Werkt de omkering wel, dan krijgt een gedachte nadruk zonder dat ik extra hoef uit te leggen. De lezer hoort de balans en onthoudt de tegenstelling gemakkelijker.
Als de vorm het verhaal helpt
Dat is voor mij de grens: een chiasme mag mooi gebouwd zijn, maar moet vooral zeggen wat de scène nodig heeft. Ik bewaar het liever voor één zin die blijft hangen dan voor een alinea vol zichtbare constructies.
Ik wil een chiasme niet alleen bouwen omdat het technisch klopt. De zin moet ook natuurlijk blijven klinken. Pas wanneer vorm en betekenis elkaar helpen, mag hij blijven staan.
Tegenstellingen helpen mij om personages en keuzes scherper te zien. Licht krijgt betekenis naast schaduw; trouw wordt zichtbaar wanneer we verraad kennen. In taal kan een antithese die spanning in één beweging voelbaar maken.
Wanneer ik een personage niet scherp krijg, helpt het mij soms om twee uitersten naast elkaar te zetten. Wat verlangt deze persoon, en waar is hij juist bang voor? Wat zegt hij, en wat doet hij werkelijk?
Wat iemand zegt en toch doet
Een antithese hoeft voor mij niet groot of plechtig te zijn. Zij kan in een kleine zin zitten: iemand wil blijven, maar pakt toch zijn tas. De tegenstelling geeft de lezer twee krachten tegelijk en maakt een keuze voelbaar.
Ook in de sfeer van een scène werkt dat. Een feestelijke ruimte kan een pijnlijk gesprek scherper maken; een rustige stem kan juist laten horen hoeveel woede wordt ingehouden.
De botsing niet uitleggen
Als de twee kanten duidelijk genoeg zijn, probeer ik ze niet nog eens samen te vatten. De lezer mag de spanning zelf ervaren. Dan is de antithese geen les over taal, maar een beweging in het verhaal.
De tegenstelling hoeft niet luid te zijn. Juist een rustige zin waarin twee werelden naast elkaar staan, kan de spanning lang laten naklinken.
Tijdens het schrijven merk ik hoe een kleine verschuiving in woorden een zin plotseling laat leven. Stijlfiguren zijn voor mij daarom geen versiering achteraf, maar mogelijkheden om ritme, spanning en betekenis preciezer te maken.
Een eerste versie schrijf ik vooral om het verhaal te vinden. Tijdens het herschrijven luister ik anders. Dan vallen herhaling, ritme, tegenstellingen en onverwachte beelden op. Soms hoeft er maar één woord te verschuiven om een zin wakker te maken.
Wat een zin werkelijk nodig heeft
Stijlfiguren zijn voor mij geen lijst die ik tijdens het schrijven moet afwerken. Ik herken ze vaak pas nadat een zin er staat. Vervolgens vraag ik of die vorm werkelijk helpt: wordt het gevoel preciezer, klinkt het personage duidelijker, blijft de gedachte beter hangen?
Is het antwoord alleen dat de zin knap klinkt, dan schrap ik meestal. Taal mag opvallen, maar het verhaal moet niet achter de techniek verdwijnen.
De komende weken uit mijn schrijfkamer
In deze serie kijk ik daarom niet alleen naar namen en definities. Ik wil vooral laten zien wat er tijdens het schrijven gebeurt wanneer woorden botsen, spiegelen, verzachten of overdrijven. Het artikel legt de stijlfiguur uit; het blog vertelt wat ik ermee doe.
Ik probeer een stijlfiguur nooit te gebruiken om slim te lijken. Hij moet de zin dienen. Als de lezer alleen de kunstgreep ziet, heb ik waarschijnlijk te hard geduwd.
Tijdens het schrijven van Schijnvrede merkte ik iets ongemakkelijks: zodra mijn personages een beetje rust kregen, zakte ook het verhaal in. Ik moest hun vrede verstoren, terwijl ik in het dagelijks leven conflicten juist liever oplos of vermijd. Dat verschil tussen mens en schrijver blijft me fascineren.
Wanneer ik schrijf, zie ik vaak al snel hoe een probleem opgelost kan worden. Dat is prettig voor mij, maar niet altijd voor de lezer. Als ik het conflict meteen gladstrijk, hoeft niemand nog een moeilijke keuze te maken. Het personage verandert niet en de lezer heeft weinig reden om verder te lezen.
Daarom probeer ik mezelf tijdens het schrijven af te vragen: wat wil deze persoon werkelijk, en wat gebeurt er als dat verlangen botst met iets wat even belangrijk is? Dan ontstaat geen ruzie om de ruzie, maar een keuze die pijn doet. Juist die grijstinten interesseren mij.
Conflict in Schijnvrede
In Schijnvrede krijgt een sterke leider het volk op zijn hand. Daardoor ontstaan conflicten in de samenleving en raken mensen onderling verdeeld. Duidelijkheid maakt plaats voor twijfel en onrust. Voor mij werkte dat pas toen het conflict niet alleen buiten de personages bleef, maar ook iets deed met hun overtuigingen en onderlinge relaties.
Wanneer een sterke leider het volk op de hand krijgt, ontstaan conflicten overal in de samenleving. Dat wordt duidelijk in Schijnvrede. Mensen raken onderling verdeeld, duidelijkheid wordt vervangen door twijfel en onrust. Het houdt (hopelijk) de lezer op het puntje van zijn stoel.
Mijn personages niet sparen
Dat blijft een lastige opdracht. Ik leer een personage kennen, begrijp zijn verlangens en gun hem bijna vanzelf een goede afloop. Maar een schrijver die te vriendelijk is, ontneemt zijn personages de kans om zichtbaar te worden. Pas onder druk blijkt wat iemand werkelijk vreest, liefheeft of bereid is op te geven.
Soms leg ik daarom verschillende keuzes naast elkaar. Grijpt iemand in wanneer een arme klant iets steelt? Laat iemand een droombaan schieten om voor een zieke moeder te zorgen? Meldt een werknemer het plagiaat van een collega? Het antwoord is minder belangrijk dan de worsteling. Daarin wordt een personage menselijk.
De wrijving laten staan
Mijn eerste neiging is nog altijd om een conflict netjes af te ronden. Tijdens het herschrijven probeer ik juist wat langer bij de wrijving te blijven. Niet ieder misverstand hoeft direct uitgepraat en niet elke keuze hoeft volledig goed of fout te zijn. Soms zegt een stilte meer dan een woordenwisseling.
Zo dwingt een conflict niet alleen mijn personages om te groeien. Het dwingt mij als schrijver ook om beter te kijken. Wat drijft iemand? Wat wordt niet gezegd? En welke oplossing lijkt eenvoudig, maar kost uiteindelijk te veel? Daar begint voor mij een geloofwaardig verhaal.
Wanneer ik een hoofdstuk afsluit, wil ik de lezer iets geven én iets onthouden. Precies daar begint voor mij de cliffhanger: niet als goedkoop trucje, maar als een zorgvuldig gekozen moment waarop een vraag nog even openblijft.
Een goede cliffhanger prikkelt de nieuwsgierigheid, zonder deze volledig te bevredigen. Stel je voor: je personage opent een onverwachte brief en de inhoud wordt pas in het volgende hoofdstuk onthuld. Dit houdt de lezer gevangen.
In elk genre kun je op verschillende manieren ‘onvoltooide momenten’ creëren: een verborgen waarheid, een dreigend gevaar of een onverwachte onthulling.
Let eens op bij de boeken die je zelf leest: wanneer ervaar je iets als een cliffhanger? Wat kun je daarvan leren voor je eigen verhalen?
Emotionele investering
Een cliffhanger werkt pas als de lezer zich echt betrokken voelt bij jouw personages en verhaallijn.
Bouw spanning op door je lezer te laten hechten aan de centrale personage van je verhaal. Laat hen voelen, huilen en lachen met je personages. Wanneer zij dan aan de rand van het onbekende staan (de cliffhanger), voelt de lezer dat net zo intens.
Als je te veel cliffhangers in je verhaal verwerkt, kan dat leiden tot oververzadiging. Het is dan voor de lezer alsof je constant wordt opgeslokt in een nooit eindigende rollercoaster. De sleutel is balans: bouw spanning op en bied soms verlossing (dat is ook een kunst.)
Dit wisselende ritme houdt de spanning vers en zorgt ervoor dat cliffhangers hun impact behouden.
Een onverwachte cliffhanger ontstond aan het einde van mijn boek Schijnvrede. Daar was een vrouw even vermmist, maar vooral: er werd iemand neergeschoten. Voordat het vervolg (Puntkomma) uitkwam, kreeg ik mailtjes met de vraag wat er nou toch met die vrouw was gebeurd 🙂
Plaats en context
Een goede cliffhanger moet niet willekeurig voelen, maar passen in het verhaal. Cliffhangers aan het einde van een hoofdstuk, een belangrijke dialoog of wanneer de spanning al opbouwt, versterken het effect. Wanneer je denkt dat de ontknoping bekend wordt, verschijnt een onbekend personage met onverwachte informatie.
In het voorbeeld van hierboven (kader) is de cliffhanger bewust gekozen tussen deel 2 en deel 3 van de trilogie.
En dan nu de praktijk
Een paar praktische tips voor spanningopbouw en cliffhangers
Hint naar dreiging: Geef subtiele aanwijzingen dat er iets schuilt in de schaduwen, zonder alles prijs te geven.
Vertraging werkt: Stel een beloning of oplossing uit, en speel met de verwachtingen van de lezer.
Maak het persoonlijk: Laat een cliffhanger het lot van een geliefd personage betrekken.
Verander perspectief: Net op het moment van spanning, schakel over naar een ander personage.
Gebruik tijdsdruk: Laat de lezer weten dat de klok tikt, terwijl het lot ongewis blijft.
Speel met verwachtingen: Bied iets verrassends dat afwijkt van de ‘verwachte’ afloop.
Herinner aan onafgemaakte verhaallijnen: Geef kleine, terugkerende hints die een groter verhaal onthullen
De kracht van stilte
Soms is stilte zelf de grootste cliffhanger. Wat gebeurt er als de telefoon stil blijft na dat ene gesprek of wanneer iemand niet verschijnt op een afgesproken plek? De lezer vult de stilte in met eigen gevoelens en verwachtingen, wat een krachtig effect heeft.
Of je nu een thriller schrijft, een romantische roman of iets daar tussenin, de cliffhanger blijft een krachtig middel. Gebruik het met zorg en je lezers zullen je verhalen graag lezen — tot de laatste zin, en zelfs daarna. ZijnBoek schrijft ook graag zo: verhalen voorbij de bladzij.
Tijdens het herschrijven lees ik zo’n einde graag nog één keer als lezer. Voel ik alleen verwarring, dan ontbreekt er informatie. Wil ik meteen door, dan heeft de cliffhanger zijn werk gedaan.
Heb je een belangrijke aanvulling? Reageer hieronder op deze blog.
Bezoek gerust de webshop voor inspirerende boeken en ontdek hoe daar ideeën samengeweven worden tot onvergetelijke verhalen.
Op dagen waarop het schrijven goed gaat, lijkt een verhaal vanzelf te groeien. Toch weet ik dat daar meestal iets heel gewoons achter zit: gaan zitten, afleiding wegleggen en beginnen voordat de inspiratie zich meldt.
Iedere schrijver heeft eigen momenten die ideaal zijn om te schrijven. Dat kan afhankelijk zijn van de omgeving, het tijdstip op de dag, hoe moe of wakker je bent en ga zo maar door. Het is belangrijk om te weten wat jou stimuleert en wat je afremt. Zorg dat je daar achterkomt.
Het tijdstip van de dag is erg belangrijk. Zelfs als je een avondmens bent, zou de ochtend wel eens het beste moment van de dag kunnen zijn. Je bent net wakker, hebt nog net niet in je hoofd wat je allemaal moet doen, bent helemaal uitgerust en hebt nog geen mail of appje gezien. Ga dan maar schrijven!
Probeer alles uit en ontdek wanneer voor jou de woorden het makkelijkst op papier komen.
Een omgeving die inspireert
In een omgeving waarbij elk moment iemand kan binnenkomen, is het lastig om te concentreren. En natuurlijk moet er op je computerscherm niet steeds een mailtje of ander pingeltje zijn die jouw aandacht vraagt.
Zelf hou ik van een omgeving met weinig geluid en om mij heen zoveel mogelijk natuur. Daarom ga ik wel eens op een goedkope boeren camping staan (het gaat niet om de faciliteiten) en zorg ik dat ik zicht heb op een weiland of een bos met vogels of paarden. Of allebei.
Focus heeft te maken met scherpstellen. Wanneer je niet gefocust bent, zie je dingen minder scherp. Schrijf je aan een boek, dan is het belangrijk de hoofdrolspelers en het plot duidelijk voor ogen te houden. Schrijf je een blog, dan wil je kort en krachtig zijn. Wat je ook schrijft, je wilt dingen scherp zien.
Het kan soms helpen om even op te staan en een raam open te zetten. Misschien kun je met je laptop even verhuizen van bureau naar stoel. Of je legt dingen op je bureau anders neer, zodat ze minder afleiden. Wees creatief in het omgaan met je tijd en je omgeving, zodat je creatief kunt schrijven.
De mooiste hoofdstukken van deze roman over hoogbegaafdheid en visuele beperking Hoogslim heb ik geschreven op een camping. Daar nam ik de tijd om even een hele dag, of soms zelfs twee, alleen maar bezig te zijn met het verhaal.
En nu aan de slag
Hier zijn een aantal goede gewoonten waarmee je zou kunnen beginnen. Probeer er eens een paar.
Schrijf op een vast tijdstip: Kies een vast moment op de dag om te schrijven, zoals (liefst) ’s ochtends vroeg en houd je eraan. Dit helpt om een ritme op te bouwen.
Korte vrije schrijfperiode: Begin met een vrije schrijfperiode van een paar minuten waarin je alles opschrijft wat in je hoofd opkomt. Dit helpt om de creatieve stroom op gang te brengen en je gedachten te ordenen.
Een inspirerende ruimte: Zorg ervoor dat je schrijfplek zo is ingericht dat het jou stimuleert. Voeg elementen toe die jou inspireren, zoals planten, foto’s van natuur of een minimalistische omgeving om afleidingen te verminderen. En, niet vergeten, haal dingen die je afleiden zo mogelijk weg.
Beweeg tussendoor: Sta om het uur even op en maak een korte wandeling of doe rek- en strekoefeningen. Dit verbetert je concentratie en voorkomt dat je vermoeid raakt. Water halen en veel drinken zorgt dat je ook dat je wat vaker naar het toilet moet, zodat je even beweegt.
Gebruik muziek: Sommigen willen geen muziek aan tijdens het schrijven (zoals ik.) Wil je dat wel, luister dan naar rustgevende muziek om achtergrondgeluiden te dempen en je beter te concentreren.
Hou een schrijfdagboek bij: Dit is een andere dagelijkse gewoonte: noteer elke dag even hoe je schrijfproces is verlopen, wat goed ging en wat minder. Dit helpt om patronen te herkennen en je aanpak aan te passen.
Stel een doel voor elke sessie: Bepaal voordat je begint met schrijven wat je wilt bereiken, zoals een bepaald aantal woorden of een afgerond idee. Dit geeft richting aan je sessie.
Natuurlijk zijn er veel meer mogelijkheden. Het idee is dat je er een paar kiest en daar een vaste gewoonte van maakt.
Mijn gewoontes zijn geen strak keurslijf. Ze geven me vooral een beginpunt. Zodra de eerste woorden er staan, mag het verhaal het weer van de planning overnemen.
Heb je een belangrijke aanvulling? Reageer hieronder op deze blog.
Kijk eens in de webshop voor inspirerende boeken en ontdek hoe daar ideeën samengeweven worden tot onvergetelijke verhalen.
‘Hoe verzin je het toch?’ is een vraag die ik als schrijver geregeld hoor. Het eerlijke antwoord is minder spectaculair dan mensen soms verwachten: ik kijk, luister, bewaar en combineer wat onderweg blijft haken.
Schrijvers halen hun ideeën uit de meest onverwachte hoeken. Een gesprek dat je opvangt in de trein, een artikel dat je leest in de krant, of een willekeurig beeld dat je tegenkomt op een avondwandeling kan zomaar de kiem zijn voor een boeiende blog of zelfs een heel boek. De truc is om jezelf open te stellen voor je omgeving en nieuwsgierig te blijven naar wat er om je heen gebeurt.
Elke schrijver heeft zijn eigen manier om inspiratie te vinden. Sommigen beginnen met het observeren van het dagelijks leven: een gesprek in een café, de kleur van de lucht tijdens zonsondergang, of de geur van een vers kopje koffie (ja, zo simpel kan het zijn). Anderen duiken juist de diepte in en halen ideeën uit (andermans) boeken, muziek of kunst (je laten raken). Het belangrijkste is dat je je ogen en oren openhoudt.
Oefenen tot het een gewoonte wordt
Daarnaast is het belangrijk om een routine te ontwikkelen waarin je regelmatig tijd vrijmaakt om te schrijven. Schrijven is net als sporten; je moet je creatieve spieren trainen. Maak elke dag tien minuten vrij om je gedachten de vrije loop te laten. Schrijf zonder oordeel en zonder filter. Je zult merken dat dit proces je creatieve geest aanwakkert en de ideeën vanzelf zullen komen.
Zelf schrijf ik (bijna) elke dag ’s avonds een verhaaltje. Soms heel melodramatisch, dan weer absurd futuristisch of spannend en raar. Het maakt niet uit wat je schrijft, als je maar schrijft! Dan is niet alles goed, maar schrijven zelf is wel altijd goed. Misschien geef ik het op een dag uit als klein boekje… nadat ik een groot deel heb weggegooid 😉
Tot slot, vergeet niet dat schrijven vooral leuk moet zijn. Laat je enthousiasme de drijvende kracht zijn achter je woorden. Probeer verschillende stijlen, onderwerpen en invalshoeken. Het is de kunst van het experimenteren en ontdekken wat bij jou past en wat jou energie geeft.
In dit spannende boek over hoogbegaafdheid en visuele beperking Hoogslim zie je toepassingen van zomaar ideetjes en leuke uitstapjes, zoals je ziet in deze blog.
Oefeningen zijn er genoeg
Hier zijn een aantal voorbeelden waar je misschien iets aan hebt.
Denk aan een willekeurig voorwerp (een gifgroene pen, een enorm dikke hond) of een gebeurtenis (nat worden in een stortbui, je verslapen op je eerste werkdag) of een mens (de tante die je had willen hebben, een wijze bejaarde) en schrijf vijf minuten over dit voorwerp, deze gebeurtenis of dit mens. Niet stoppen, gewoon doorschrijven.
Bedenk een gebeurtenis en schrijf er vijf regels over. Daarna schrijf je opnieuw over dezelfde gebeurtenis weer vijf regels, zonder dat dit op de vorige vijf lijkt. En doe dat nog een keer of drie.
Bedenk een gebeurtenis die niet mogelijk is en schrijf daarover een heel A4 vol (je wordt wakker en bent 5 cm groot, je komt op je werk en iedereen is gekleed in donkerpaars behalve jij, je woont al een jaar op de maan en er komt eindelijk een ruimteschip met nieuwe mensen, alle auto’s rijden langzaam en alle fietsen snel…)
Schrijf een A4 over een gebeurtenis die je graag zou willen meemaken, in elk geval in gedachten (je wint een miljoen, je mag met behoud van salaris een jaar op vakantie, een langdurende ruzie wordt opgelost)
Er zijn meer mogelijkheden dan in deze blog passen. Oefening 5 zou kunnen zijn: schrijf een heel A4 vol met oefeningen, nummer 5 tot en met 20.
Dus, twijfel niet langer. Ga ervoor, laat je inspireren, kijk om je heen en begin vandaag nog met schrijven. En dan de belangrijkste: ga door! Heb je een mooie aanvulling? Reageer hieronder op deze blog.
Kijk eens in de webshop voor inspirerende boeken en ontdek hoe daar ideeën samengeweven worden tot onvergetelijke verhalen.
Een idee verschijnt zelden als een compleet verhaal. Meestal begint het als een losse zin of een klein ongemak. Pas wanneer ik ermee blijf spelen, laat het zien wat het kan worden.
Creativiteit voelt soms als iets wat je hebt of niet hebt. Tijdens het schrijven ervaar ik het anders: hoe vaker ik opmerk, combineer en opnieuw probeer, hoe gemakkelijker nieuwe mogelijkheden zichtbaar worden.
Schrijf je zakelijke brieven of financiële stukken, dan speelt creativiteit een andere rol en misschien wel een veel kleinere rol, dan bij het schrijven van verhalen. Als een verhaal bedoeld is om mensen te raken, te boeien en om de aandacht vast te houden, dan is creativiteit heel belangrijk.
Creativiteit is de bron van vernieuwing en originaliteit. Het is essentieel voor iedereen die verhalen schrijft. Maar wat is creativiteit precies, en hoe kun je het verder ontwikkelen?
Zie ook de blog over wat creativiteit is. Hieronder gaat de tekst over het laten groeien van je creativiteit.
Eerst: wat is creativiteit ook alweer?
Creativiteit is het vermogen om nieuwe ideeën te genereren en bestaande ideeën op een frisse manier te benaderen. Het draait om denken buiten de gebaande paden en het verbinden van schijnbaar ongerelateerde elementen.
Nieuwe ideeën genereren is eigenlijk creëren; scheppen. Vandaar het woord creativiteit. Bestaande gedachten vanuit een nieuwe, frisse invalshoek bekijken resulteert ook vaak in nieuwe ideeën. Creatieve mensen denken out of the box. Ze lopen op paden waar anderen zelden komen. Een andere eigenschap van creativiteit is het aan elkaar koppelen van zaken die niets met elkaar te maken lijken te hebben.
Een voorbeeld van onverwachte verbindingen: Een personage heeft een karaktereigenschap (snel boos). Dat wordt door de schrijver verbonden met een gebeurtenis van een paar pagina’s ervoor (een plofkraak in de buurt). Dit kan voor de lezer verrassend zijn en tegelijkertijd een mooi of nieuw inzicht geven in het betreffende personage.
Buiten de lijntjes denken: Een staalharde, ongevoelige kok van een groot restaurant gebruikt een huishoudelijke nietmachine om ravioli dicht te nieten in plaats van met een vork de randen dicht te drukken. Een hoofdstuk ervoor werd door een therapeut een nietmachine gebruikt om te illustreren hoe die kok en zijn vrouw weer verbinding zouden kunnen vinden. Deze onverwachte en verschillende toepassingen van een alledaags voorwerp zorgen voor een verrassend en speels effect.
Natuurlijk zijn er veel meer en vooral ook veel betere voorbeelden. Blijf vooral lezen en observeren en opletten.
In het boeiende verhaal in Omgebeurd over trauma en misbruik wordt veel out of the box gedacht om de moeilijke thema’s relatief luchtig uit te werken.
Tijdens het lezen van een boek vraag ik mij regelmatig af: is dit creativiteit? Wat is dan eigenlijk creativiteit? Op het moment dat iets mij raakt en ik me dit afvraag, heb ik eigenlijk meteen al een antwoord. Originaliteit, nieuwe wendingen of oplossingen, onverwachte persoonlijkheden en verbanden, dat zijn dingen die vaak raken. Dat ontstaat als gevolg van de creativiteit van de schrijver.
Oefenen in creativiteit
Creativiteit kan worden getraind. Dagelijks schrijven van korte verhaaltjes of gewoon verder schrijven aan je dikke boek, brainstormen en ideetjes opschrijven, jezelf blootstellen aan verschillende kunstvormen zoals muziek of beeldende kunst, kunnen je allemaal helpen om je creatieve denkvermogen te versterken.
Je kunt worden overspoeld door ideeën. Dat overkomt niet iedereen. Maar je kunt het wel op allerlei manieren stimuleren.
Soms kan het opleggen van beperkingen je creativiteit juist stimuleren. Door grenzen te stellen, dwing je jezelf om binnen die kaders innovatief te denken en oplossingen te vinden. Pak bijvoorbeeld een willekeurig woord uit een willekeurig boek en schrijf daar vijf minuten over. Of bedenk een willekeurig idee (een agent zit in de val in een grote schuur, een klein jongetje smokkelt een geit zijn huis binnen, of een automobilist rijdt dwars door een slagboom een vliegveld op) en schrijf een verhaal dat maximaal 100 woorden mag zijn. Dit kunnen prachtige genietmomentjes worden!
Vind de juiste omgeving
Tot slot nog dit: Een inspirerende omgeving en een vaste routine kunnen wonderen doen voor je creativiteit. Bijvoorbeeld, sommige schrijvers vinden hun flow in een rustige hoek van hun huis, waar ze zich volledig kunnen afsluiten van de buitenwereld. Anderen halen juist inspiratie uit het omringende geluid en de dynamiek van een druk café. Een wandeling in de natuur, waar je gedachten de vrije loop kunnen gaan, is ook een krachtige manier om nieuwe ideeën op te doen. Zelfs iets eenvoudigs als het luisteren naar muziek of het herhalen van een dagelijkse bezigheid (afwassen, naar kantoor fietsen) kan helpen om je in de juiste creatieve stemming te brengen. Het belangrijkste is om te experimenteren en te ontdekken welke omgevingen en routines jouw creativiteit het meest stimuleren.
Ik wens je veel creativiteit. Heb je een mooie aanvulling? Reageer hieronder op deze blog.
Kijk in onze webshop voor inspirerende boeken en ontdek hoe in de boeken de kracht van taal (vaardigheid) en creativiteit (persoonlijke eigenschap van de schrijver) gebruikt worden om onvergetelijke verhalen te creëren.
Ik hoef niet op een uitzonderlijk idee te wachten. Vaak is aandacht genoeg: nog een keer kijken, een andere combinatie proberen en toestaan dat de eerste versie niet meteen de beste is.
Een schrijfreis begint voor mij niet met zekerheid, maar met een zin die om een vervolg vraagt. Daarna komen enthousiasme en twijfel om beurten langs. Juist dat maakt beginnen spannend.
Een chinees spreekwoord zegt: Zelfs de langste reis begint met een eerste stap. Of je nu een kort verhaal wilt schrijven of een dik boek in gedachten hebt, de eerste stappen lijken op elkaar.
Je gaat bijvoorbeeld ideeën opschrijven, hoofdpersonen beschrijven en misschien al wat uitwerken, plotlijnen bedenken en uitschrijven, je stijl bepalen (humoristisch, spannend, aangrijpend, of dit allemaal), nadenken over je publiek (voor wie schrijf ik) enzovoort.
Een sprong in het diepe
Schrijven is zowel een vak, met vaardigheden die kunnen worden aangeleerd, als een kunst. Je hebt creativiteit nodig en houdt waarschijnlijk van taal. Je hebt al ervaring met het beschrijven van zowel verhalen als gevoelens, of je wilt dat allemaal nog leren.
Schrijven begint met het overwinnen van de angst voor die lege pagina. Durf gewoon te beginnen, ook al weet je niet precies waar je uitkomt. Elke zin is een stap vooruit.
Schrijven is een ambacht dat je leert door te doen. Experimenteer met verschillende stijlen en technieken om te ontdekken wat bij jou past. Vallen en opstaan. Schrijven en weggooien. Om jezelf lachen of bij anderen een bedenkelijk gezicht zien. Een geniaal idee krijgen of ontdekken dat wat je zelf matig vindt, anderen juist diep raakt. Het hoort er allemaal bij.
Vaardigheden leer je door te doen, door cursussen of door af te kijken. Enkele vaardigheden waar je aan kunt werken, zijn:
Schrijfstijl – Creëer een unieke stem en toon in je werk. Misschien lijken de eerste verhalen een beetje op die van je favoriete schrijver(s), maar laat het steeds meer ontwikkelen tot je eigen stem.
Karakterontwikkeling – Leer geloofwaardige en gelaagde personages te creëren, hoofdpersonen waar mensen zich mee kunnen identificeren, waar je van gaat houden of die juist enorm irriteren.
Structuur en plotopbouw – Leer de kunst van het structureren van verhalen. Dat vraagt om voorbereiding, creativiteit en veel oefening.
Dialogen – Schrijf realistische en boeiende dialogen. Plaats interessante gesprekken in een context, dus je beschrijft vaak eerst de achtergrond.
Redactionele vaardigheden – Verbeter je vermogen om je eigen werk kritisch te bewerken. Leer ook luisteren naar wat anderen van je verhalen vinden.
Taalbeheersing – Werk aan grammatica, woordenschat en zinsopbouw. Verrijk je taal door veel van anderen te lezen.
Onderzoeksvaardigheden – Doe effectief onderzoek om je verhalen te verrijken. Als je geen fantasy schrijft, is het belangrijk dat je verhalen kloppen (over de brandweer, over het ziekenhuis, over de blinde vrouw.)
Lezersbetrokkenheid – Leer hoe je lezers kunt boeien en vasthouden. Een flitsende, spannende start kan overkomen als een trucje. Vind balans in spanning en humor, beschrijving van emoties en spannende wendingen.
Creativiteit stimuleren – Ontwikkel technieken om je creativiteit te voeden. Daarover gaat een andere blog. Een tipje van de sluier: Zorg dat je gezond leeft, geef je geest (denken, gevoel) regelmatig vrije tijd en voed jezelf met goede vriendschappen en goede boeken.
Discipline en tijdbeheer – Werk aan het consistent voltooien van schrijfprojecten. Schrijf als het kan elke dag. Zet tijd apart en als dat niet kan, schrijf dan in elk geval vijf minuten.
In dit spannende boek over hoogbegaafdheid en visuele beperking Hoogslim zie je toepassingen van de handvatten en gedachten uit deze blogs.
Wanneer ik een boek lees, vraag ik me wel eens af: welke vaardigheden zie ik hier? Kan ik dat ook? Wil ik daarin leren?
Vaardigheden kunnen groeien. Vraag je af: hoe zou ik dat kunnen oefenen? Kan ik er een boek over lezen en dan verder oefenen? Zijn er cursussen voor? Ken ik iemand van wie ik weer meer kan leren?
Er zijn vaardigheden die je alleen leert door te oefenen, of door ‘het leven.’ Andere vaardigheden (zoals discipline of tijdbeheer) kun je beginnen te leren via boeken of cursussen.
De kracht van inspiratie
Inspiratie en creativiteit zijn niet hetzelfde. Je kunt een creatieve oplossing bedenken voor een lastige situatie, creatief zijn in het bedenken van sterk verschillende hoofdpersonen enzovoort. Inspiratie wijst op het moment dat je opeens een (creatief) idee krijgt.
Inspiratie kan onverwacht komen, maar hoe zorg je ervoor dat je het vasthoudt? Zorg dat je altijd een notitieboekje bij de hand hebt, of gebruik je smartphone om ideeën te bewaren wanneer ze opkomen. Wordt je midden in de nacht wakker met een idee? Neem maar van mij aan dat je die de volgende morgen vergeten bent. Als het de moeite waard is, ga ik er even uit om het te noteren 🙂
Achteraf lijkt een begin vaak logisch. Op het moment zelf is het vooral een stap zonder garantie. Toch is dat de enige stap waaruit een verhaal kan ontstaan.
Heb je een mooie aanvulling? Reageer hieronder op deze blog.
Kijk in onze webshop voor inspirerende boeken en ontdek hoe in de boeken de kracht van taal (vaardigheid) en creativiteit (persoonlijke eigenschap van de schrijver) gebruikt worden om onvergetelijke verhalen te creëren.
Schrijven gaat niet alleen over zinnen en verhaallijnen. Het raakt ook mijn ritme, twijfel, nieuwsgierigheid en de manier waarop ik naar mensen kijk. In deze serie schrijf ik daarom over de mens achter het manuscript.
Deze serie blogs is niet alleen maar technisch gebabbel over het schrijven van verhalen. Ik wil je een kijkje geven in het hoofd van een schrijver en vertellen over kleine of grote triomfen en over moeilijke momenten waarbij de ideeën wegblijven.
Schrijven is een vak, met vaardigheden die kunnen worden aangeleerd. Tegelijkertijd is het een kunst, waarbij je put uit je bron van creativiteit, eigen ervaringen en wat je gelezen hebt van anderen. Leer de schrijver kennen in het ambacht en het gevoel.
Een blog uit de serie Schrijven en schrijver (deze blog).
In deze blogserie neem ik je mee op de schrijfreis. Het gaat bijvoorbeeld over het vinden van inspiratie en het ontwikkelen van essentiële schrijfvaardigheden. Ik deel ook de waarde van schrijfroutines en ‘rituelen’ die je creativiteit en productiviteit kunnen bevorderen.
We duiken in manieren om schrijversblok te overwinnen en je krijgt praktische tips voor het bewerken van je werk, zodat je het beste uit je verhaal kunt halen.
In dit aangrijpende boek over trauma en misbruik Omgebeurd worden veel van de handvatten en gedachten uit de blogs toegepast.
Het is leuk om tijdens het lezen van een boek te letten op de achterliggende principes. Ik vraag me bijvoorbeeld vaak af: hoe lang heeft de schrijver nagedacht over deze mooie zin? Kwam die zomaar? Hoe komt het dat dit mij raakt? Wat kan ik daarvan leren?
Schrijven voor je beroep
Er komt een blog over de voor- en nadelen van traditioneel publiceren versus zelfpublicatie. Voor wie van schrijven een beroep wil maken, bekijken we manieren om inkomsten te genereren als schrijver. Verder verkennen we de kracht van storytelling en hoe goede verhalen een diepe impact kunnen hebben op lezers.
Een andere blog besteedt aandacht aan de mentale gezondheid van schrijvers en ik schrijf over hoe je een balans kunt vinden tussen passie en stress. Tot slot werpen we een blik op de toekomsttrends in schrijven, en hoe technologie en veranderende maatschappelijke rollen het schrijverschap zullen beïnvloeden. Daarover heb ik bijvoorbeeld al geschreven in de blog over De schrijver en AI.
Jou heb ik ook nodig
Ik hoop je hier vaak te zien. Heb je mooie aanvullingen? Reageer op deze blogs.
Kijk in onze webshop voor inspirerende boeken en ontdek hoe in de boeken de kracht van taal (vaardigheid) en inspiratie (persoonlijke eigenschap van de schrijver) gebruikt worden om onvergetelijke verhalen te creëren.
De techniek van schrijven is te leren, maar het leven eromheen laat zich minder gemakkelijk samenvatten. Precies daarom blijf ik erover schrijven.
Mijn probleem is zelden dat er geen idee komt. Vaker dienen er zich te veel tegelijk aan: een personage, een scène, een titel en ondertussen nog een heel ander verhaal. Dan moet ik kiezen zonder de rest kwijt te raken.
Creatieve overvloed kan een zegen zijn als ideeën, verhaallijnen, personages, plotwendingen en onverwachte situaties zich als het ware opdringen aan de schrijver, terwijl die bezig is met het opbouwen van een verhaal. Dit brengt echter ook een unieke uitdaging met zich mee. Hoe kan deze overvloed optimaal worden benut?
Het hebben van te veel ideeën is op zichzelf een reden tot vreugde. Het toont de rijkdom van iemands verbeelding en het vermogen om voortdurend nieuwe concepten te genereren. Dit proces is verkwikkend en houdt de geest actief en alert.
Maar teveel is teveel. Zomaar van alles wegstrepen lijkt misschien een oplossing, maar wat gaat er dan verloren? Wordt misschien het kind met het badwater weggegooid? Dit kan niet de bedoeling zijn. In deze blog reik ik wat tips aan om de overvloed richting te geven en prachtig te benutten.
Aan de slag met de ideeën
Misschien dat onderstaande tips bijdragen aan het in toom houden en optimaal benutten van alle overvloedige gedachten die bij het schrijven van een verhaal boven komen borrelen.
Diversiteit Het hebben van meerdere ideeën tegelijk kan leiden tot een dilemma: welk idee moet als volgende worden aangepakt? De verleiding om van het ene idee naar het andere te springen kan leiden tot een reeks halfvoltooide projecten. Het is belangrijk om een zorgvuldige afweging te maken over waar je je aandacht op wilt richten.
Focus en discipline Het omgaan met creatieve overvloed vereist focus en discipline. Kies bewust een idee om aan te werken en laat de rest tijdelijk op de achtergrond. Het betekent niet dat je de andere ideeën vergeet, maar eerder dat je je aandacht concentreert om iets daadwerkelijk te voltooien. Schrijf de rest even op.
Notities Schrijvers met overvloedige ideeën moeten experts worden in het vastleggen van hun gedachten. Houd een notitieboekje bij de hand om flitsen van inspiratie vast te leggen. Dit helpt niet alleen om de ideeën te behouden, maar ook om ze op een later tijdstip opnieuw te evalueren.
Prioriteiten stellen Het is onmogelijk om al je ideeën tegelijkertijd aan te pakken. Het stellen van prioriteiten is essentieel. Bepaal welke ideeën het meest urgent of intrigerend zijn en focus je energie daarop. Dit helpt bij het vermijden van overweldiging en het bevorderen van vooruitgang.
Diepgaande verkenning In plaats van oppervlakkig over veel ideeën te schrijven, kan diepgaande verkenning van een beperkt aantal ideeën leiden tot meer uitgebreide en complexe verhalen. Dit kan lezers aanspreken die op zoek zijn naar diepgang en karakterontwikkeling.
Het overwinnen van blokkades Ironisch genoeg kan te veel keuze leiden tot schrijversblok. Het gewicht van talloze ideeën kan overweldigend zijn en het schrijfproces verlammen. Hier is het belangrijk om terug te gaan naar de kern van je passie en te herinneren waarom je begon met schrijven.
Samenwerking en delen Als je overvloedige ideeën hebt en het moeilijk vindt om te kiezen, overweeg dan samen te werken met anderen. Soms kunnen medeschrijvers of vrienden je helpen bij het selecteren van het beste idee om als volgende te verkennen.
De schoonheid van geduld Het ontwikkelen van een idee tot een volwaardig verhaal vergt tijd en toewijding. Het is belangrijk om geduldig te zijn en te begrijpen dat niet elk idee meteen tot een meesterwerk zal leiden. Het proces is net zo waardevol als het uiteindelijke resultaat.
Creatief slot
In plaats van een saaie samenvatting, wil ik een creatief resumé geven.
Voor een woordkunstenaar verzadigd van ideeën, rust het vinden van de juiste symbiose tussen overvloed en focus op de kronkelige wegen van essentie. Dit omvat een balletdans om de stroom van creativiteit te dirigeren en te smeden tot afgewerkte werken die deze wereld kunnen verrijken. Met een weloverwogen melange van ontdekkingen en volharding kunnen schrijvers de weelde van hun creatieve geest in toom houden en vertellingen creëren die hun unieke klanken laten weerklinken.
En nu in mijn eigen woorden: Keuzes maken, de rest even noteren en bewaren voor later en goed de tijd nemen. Dan moet het gaan lukken.
Niet ieder goed idee hoeft vandaag een boek te worden. Door iets veilig te bewaren, kan ik het even loslaten en het verhaal waaraan ik werk weer alle aandacht geven.
Wanneer iemand vraagt of ik in beelden of in taal denk, weet ik het antwoord nooit helemaal zeker. Ik ervaar vooral woorden en zinnen, maar een verhaal moet uiteindelijk ook zichtbaar worden in het hoofd van de lezer.
Elke manier van denken heeft bepaalde eigenschappen. Vaak is je denken een combinatie van meerdere van onderstaande mogelijkheden, maar eentje overheerst meestal duidelijk. Het kan een goede oefening zijn, te onderzoeken hoe je denkt.
Wie denkt in beelden, verbindt zijn gedachten aan plaatjes of bewegend beeld.
Bij denken in woorden zijn er innerlijke gesprekken. De gedachten komen als woorden en zinnen.
Wie denkt in abstracte begrippen ziet als het waren ideeën, concepten of principes.
Mensen die denken in emoties, associëren hun gedachten met bepaalde gevoelens en met sfeer.
Er zijn mensen die denken in geluiden, de hele dag muziek of ritmes horen en zich afvragen hoe bepaalde stemmen of geluiden zouden klinken.
Taal en concepten
Als ik bovenstaande vraag moest beantwoorden – hoe denk je eigenlijk – zou ik mogelijk antwoorden dat ik denk in woorden en zinnen (taal dus) en een in concepten (complete begrippen en grote lijnen).
Toegegeven, als iemand mij een leuk verhaal vertelt, ‘zie ik het voor me’ en als ik zelf iets bedenk, zie ik ook ‘van alles,’ maar er komen vooral woorden en zinnen. Er is bij mij een sterke verbinding tussen mijn gedachten en de woorden die erbij horen om ze uit te drukken. Misschien dat ik daarom bloemrijk schrijf.
Dat heeft voordelen en nadelen. Ik kan communiceren in woorden en ideeën (de concepten) op een levendige en realistische manier overbrengen. Het opbouwen van een verhaal past ook bij mij, waarbij ik veel aandacht heb voor details. Visuele beschrijvingen zijn echter moeilijker voor mij.
Wat er nog te leren valt
Als je je eigen talenten en uitdagingen ontdekt hebt, kun je ook zien wat je nog wilt leren.
In mijn geval wil ik mij vaker situaties, personages en concepten visueel voorstellen en ze dan beschrijven. Ook wil ik blijven groeien in lateraal denken – beter bekend als ‘out-of-the-box’-denken – zodat ik steeds weer anders tegen problemen en situaties aankijk. Dat resulteert in nieuwe, verrassende benaderingen voor wat al bekend is.
Of ik mijn denkstijl (in woorden, als taal-mens) kan veranderen, moet nog blijken. Het is een uitdaging om ietwat om te buigen naar iets meer beeldend, emotioneel of abstract. Het is altijd goed om te blijven leren. En leuk!
Misschien hoef ik niet definitief te kiezen tussen beeld en taal. Mijn woorden zijn pas geslaagd wanneer ze bij de lezer iets oproepen wat niet letterlijk op de pagina staat.
Een goed idee midden in de nacht is minder romantisch dan het klinkt. Ik weet dat ik het ’s morgens waarschijnlijk kwijt ben, maar uit bed stappen voelt op dat moment als een onderhandeling met de slaap.
Als ik lig te mijmeren en er vormen zich zinnen, er ontstaan zomaar mooie uitspraken of het verloop van een verhaal wordt plotseling zichtbaar voor mijn geestesoog, dan kan ik twee dingen doen. Hopen dat ik het morgen nog weet, of mijn bed uitstappen en het snel gaan opschrijven, in de hoop dat de helft of meer niet al verdwenen is voordat ik het kon intikken.
Dan ga ik geruisloos naar beneden – ik wil natuurlijk niemand wakker maken – en haal mijn laptop tevoorschijn. Soms typ ik op mijn tablet, net wat het eerst voor handen is. Mijn vingers vliegen over de toetsen en ik merk niet of ik het koud heb of juist warm, ik vergeet de tijd en blijf net zolang doorgaan tot ik weer leeg ben. Opeens houdt het op en merk ik – vaak tot mijn grote verbazing – dat er meer dan een uur voorbij is gegaan, dat ik het koud heb en nodig naar het toilet moet.
Verlichting
Even later lig ik in bed, tevreden dat de kostbare ideeën niet verloren zijn gegaan. Met een zucht van verlichting val ik dan meestal wel snel in slaap. Eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat het regelmatig voorkomt dat ik deze nachtelijke teksten nooit zal gebruiken. Maar goed, ze kwamen en ze werden vastgelegd. Eén nul voor mij.
Wankelen op de grens
Het is erger als ik niet met een idee wakker word, maar als ik zo ongeveer tijdens het in slaap vallen opeens een goede inval krijg. Het verhaal zakt dan traag maar onverbiddelijk naar de bodem van mijn bewustzijn en wordt ongrijpbaar.
Mijn voetstappen maken diepe indrukken in de modderige grond naast de onrustige rivier. Ik sta stil. Langzaam beweeg ik zo dicht als ik durf naar het water en kijk. Een prachtig beeld doemt op, zomaar, als een cadeautje van mijn onderbewuste. Ademloos kijk ik hoe het loom deint in het water, van vorm verandert, zich dieper uitstrekt en mij uitnodigt mee te bewegen. Wanneer ik er behoedzaam een hand naar uitsteek, vervaagt het een beetje en geschrokken hou ik stil. Nog langzamer strek ik me uit, verlangend het vast te houden, maar hoe voorzichtig ik ook ben, het zakt weg om uiteindelijk voor altijd te verdwijnen richting de bodem en daar voorbij.
Was het waardevol?
Er gebeurt veel tussen waken en slapen en er gaat veel verloren in die momenten. Of er nou waardevolle plotlijnen of indrukwekkende uitspraken wegzonken of slechts irrelevante fantasieën, dat zal niemand ooit weten. Ik ook niet.
Gelukkig maar.
Niet ieder nachtelijk idee blijkt bij daglicht waardevol. Toch schrijf ik het liever op. Een paar slaperige woorden zijn soms genoeg om de deur de volgende ochtend weer te openen.
Wanneer twee verhaallijnen elkaar moeten raken, zie ik al snel een mooi eindbeeld voor me. De weg ernaartoe is moeilijker: ieder spoor moet zelfstandig leven en tegelijk iets bijdragen aan het geheel.
Een verhaallijn in een roman bestaat uit een verhaal (hum, logisch) met daarin één of meer personages. Daarin gebeurt van alles en dat werkt toe naar een eind (bijvoorbeeld een climax). Dat heet een plotlijn.
Wanneer je in een roman meerdere verhaallijnen door elkaar weeft, kun je meerdere personages verkennen en uitwerken en met elkaar verbinden. Door de plotlijnen wordt alles op een zinvolle manier met elkaar verbonden.
Wat is ook alweer een plotlijn?
Een plotlijn – een onderdeel van een verhaallijn – bestaat uit acties en gebeurtenissen binnen een verhaal. Een plotlijn wordt gebruikt om de lezer als het ware aan de hand door het verhaal te leiden. Eenvoudige plotlijnen hebben een beginfase, een middenfase en een eindfase. Dit kan lineair (op volgorde) of met allerlei sprongen in de tijd. Een plotlijn kan bijvoorbeeld gaan over een wetenschapper die een doel nastreeft, een detective die een misdaad oplost of twee geliefden die obstakels overwinnen om samen te zijn.
En de verhaallijn?
Een verhaallijn omvat alle aspecten van een verhaal, zoals de plotlijn, de personages, setting, thema’s, enzovoort. Met andere woorden, een verhaallijn is de overkoepelende structuur die het verhaal vormgeeft en alle elementen samenbrengt.
Weer terug naar het verweven
Als je meerdere verhaallijnen (die overkoepelende structuren dus) door elkaar wilt weven tot een complete roman, krijg je meer complexiteit en diepte, wat erg aantrekkelijk kan zijn. Een schrijver dient creatief te schrijven, zodat de verhaallijnen op een zinvolle manier met elkaar verbonden worden. Hieronder hoop ik duidelijk te maken waarom het verweven van meerdere verhaallijnen in een roman een ware uitdaging is.
Personages Elke verhaallijn heeft eigen personages. Die moeten uniek zijn (niet op elkaar lijken, dus) en met elkaar resoneren. Wanneer personages uit verschillende verhaallijnen elkaar tegenkomen, kun je interessante conflicten of onverwachte ontmoetingen creëren.
Thema Elke verhaallijn heeft een eigen thema, maar meerdere verhaallijnen binnen een roman moeten allemaal verbonden zijn met elkaar door een gezamenlijk thema.
Timing Timing is cruciaal bij het verweven van verhaallijnen. Je wilt dat de overgangen tussen de verhaallijnen vloeiend zijn. Zorg voor evenwicht tussen de aandacht die elke verhaallijn krijgt.
Structuur Wanneer wissel je van verhaallijn? Bij een nieuw hoofdstuk? Dat heb ik vooral in Hoogslim gedaan. Of wissel je binnen een hoofdstuk verschillende verhaallijnen af? Soms is dat nodig, omdat er veel tegelijkertijd kan gebeuren, wat uiteindelijk bij elkaar komt. Dat is vooral zichtbaar in mijn trilogie, met in name Schijnvrede en Puntkomma.
In mijn boeken zitten altijd meerdere verhaallijnen. Ik hoop dat het verweven van verhaallijnen altijd een gelaagd en meeslepend verhaal heeft gecreëerd, waarin verschillende perspectieven en plotontwikkelingen naadloos samenkomen, zodat je als lezer wordt betrokken en geboeid.
Tijdens het herschrijven controleer ik daarom niet alleen waar lijnen elkaar ontmoeten, maar ook wat er verloren gaat als ik er één weghaal. Zo wordt verweven meer dan afwisselen.
Iemand noemde mijn schrijfstijl eens bloemrijk. Een ander gebruikte het woord wollig. Die twee opmerkingen lijken op elkaar, maar kwamen heel verschillend binnen. Sindsdien luister ik scherper naar de ruimte tussen rijke taal en te veel woorden.
Wollige tekst en bloemrijke tekst zijn twee termen die we gebruiken voor verschillende schrijfstijlen. Beiden hebben ze te maken met het gebruik van extra woorden om iets te beschrijven. Hier is een voorbeeldzin, die steeds uitgebreider geschreven wordt.
De man liep langs de straat. De oude man liep langs de lange straat. De oude man liep moeizaam langs de donkere, lange straat. De grijze, oude man liep kreunend en moeizaam langs de donkere, lange en eenzame straat. De grijze, oude man, die een half uur geleden zonder jas van huis was gegaan, liep kreunend en moeizaam in de stromende regen langs de donkere, lange en eenzame straat.
En zo kunnen we nog even doorgaan…
Wat is dan bloemrijk en wat is wollig? Hoewel er enige overlap kan zijn tussen de twee, zijn er ook enkele belangrijke verschillen.
Wollige schrijfstijl
Een wollige schrijfstijl zorgt voor tekst die overdreven complex, vaag of onduidelijk is. Het kan worden gekenmerkt door het gebruik van lange, ingewikkelde zinnen. Er kan ook teveel jargon of technisch taalgebruik zijn. Wollige tekst heeft vaak een gebrek aan duidelijke structuur. Dit alles kan het moeilijk maken voor lezers om de boodschap te begrijpen of de kernpunten van de tekst te identificeren. Het kan ook leiden tot verwarring en frustratie bij de lezers.
Kernwoorden bij wollige tekst zijn dus “te veel’, “onnodig ingewikkeld” en “weinig structuur.”
Bloemrijke schrijfstijl
Bloemrijke tekst daarentegen verwijst naar tekst die rijk is aan beeldend taalgebruik. Er wordt gebruik gemaakt van levendige beschrijvingen en poëtische elementen. Het heeft de neiging om een sterke visuele of sensorische impact te hebben op de lezers, oftewel het stimuleert wat de lezer als het ware ziet en voelt en hoort. Het kan hun verbeeldingskracht stimuleren.
Bloemrijke tekst maakt gebruik van metaforen, vergelijkingen, kleurrijke bijvoeglijk naamwoorden en andere literaire technieken. Zo worden levendige beelden opgeroepen en emoties opgewekt. Vaak is het doel van bloemrijke tekst om de lezer te betrekken en een diepere emotionele reactie te creëren.
Dus, het belangrijkste verschil tussen wollige tekst en bloemrijke tekst is het effect op de lezer. Wollige tekst is verwarrend en onduidelijk, terwijl bloemrijke tekst beeldend en prikkelend is.
Wollige bloemen?
Ik schrijf graag met veel mooie, beeldende woorden die gevoel opwekken. Of dat uiteindelijk verwarrend is (en dus wollig) of bijdraagt aan een dieper contact van de lezer met de personages (bloemrijk) mogen jullie beoordelen.
Reacties zijn welkom. Wie wat van mij gelezen heeft, mag er wat van zeggen 🙂
Ik wil mijn eigen klank niet gladstrijken, maar ook niet achter mooie woorden verdwijnen. Bij iedere herziening zoek ik daarom opnieuw naar rijkdom mét helderheid.
In mijn verhalen let ik niet alleen op wat personages zeggen. Juist het moment waarop iemand zwijgt, wegkijkt of een voorwerp verplaatst, kan mij meer vertellen dan een lange uitleg.
Er valt wel eens een stilte in een gesprek. Dit kan als ongemakkelijk ervaren worden. Soms is dat terecht, wanneer iemand bijvoorbeeld net iets naars heeft gezegd. Stilte kan echter ook positief zijn.
In stilte ontstaat ruimte om even na te denken over wat er net is gezegd. Stilte is ook een manier om aan te geven dat je goed luistert en kan de ander uitnodigen om verder te spreken. Stilte kan ruimte bieden voor het ervaren van emoties. Mensen kunnen in de stilte zoeken naar wat onder de oppervlakte nog leeft, zodat het gesprek verdiept wordt. Het creatieve denkproces wordt vaak ook bevorderd door stiltes. Het helpt de gedachten te ordenen en zo ontstaan zomaar originele, nieuwe perspectieven.
Hoe schrijf je een stilte in een verhaal?
In een verhaal kun je een stilte laten vallen met een paar lege regels. Maar dat vind ik niet mooi in een boek. Het zou net eens uitkomen onderaan een bladzijde. Je kunt ook met puntjes wat ruimte in het gesprek creëren… Naar mijn idee is echter niet altijd duidelijk wat je dan bedoelt en daarom is het wat minder efficiënt.
Je kunt een stilte ook benoemen, zoals: ‘Een zware stilte vulde de kamer.’ Je kunt als aanvulling ook de emoties benoemen die bij een stilte kunnen horen. ‘“Ik kan het niet geloven,” fluisterde ze, terwijl haar adem stokte. Er viel een lange stilte.’
Voorwerpen, beweging en gevoel
Bij het beschrijven en benoemen van een stilte of pauze in het gesprek, kun je als je wilt ook een voorwerp gebruiken. ‘De klok tikte onverbiddelijk. De stilte hing als een dikke mist in de kamer. De stilte stond als een onverbiddelijke muur om hen heen. De stilte sloop als een schaduw tussen hen in.’ En nog een wollige: ‘De stilte was zo oorverdovend dat hun hartslagen als trommels in hun oren bonkten, als een echo van wat niet gezegd werd.’ Wollig is trouwens niet verkeerd. Misschien moeten we het bloemrijk noemen. Het kan heel mooi zijn. ‘De stilte werd een metgezel, een taal die ze begreep zonder woorden.’
Wanneer er tussen twee zinnen of twee personen een stilte valt, kun je in een verhaal die stilte ook vullen door een beweging. ‘Hij liep naar de keuken en kwam terug met een glas water. – Ze stond op, liep naar het raam en staarde naar buiten.’
Behalve met beweging kun je ruimten in een gesprek ook vullen met een gevoel. ‘Ze fronste en het leek of de gedachte haar langzaam boos maakte. – Zodra ze zijn dreigement hoorde, voelde ze langzaam het bonken van haar hart toenemen en angst nam bezit van haar.’
Stilte in mijn boeken
In mijn eigen verhalen laat ik graag de stiltes spreken. Stiltes weven gedachten en emoties in elkaar. Er gebeurt ondertussen van alles in de ruimtes tussen de woorden, zodat de lezer als het ware ook de achtergronden ziet.
Met elke zorgvuldig geplaatste stilte in mijn romans geef ik de lezer de ruimte om te ademen, te voelen en te verbinden; meevoelen en verbinden met de personages.
Een stilte schrijf ik dus niet als niets. Ik zoek naar wat er tijdens dat zwijgen wél gebeurt. Daar vindt de lezer vaak precies het gevoel dat de personages niet uitspreken.
De merel duikt steeds opnieuw op in mijn romans. Ik heb hem niet als handelsmerk bedacht; hij kwam eenvoudigweg binnengevlogen en bleek zich opvallend goed thuis te voelen tussen mijn personages.
Mijn afstudeeropdracht heb ik in boekvorm uitgegeven. Er staat een merel voorop. Voorin, op een eigen en verder lege pagina, staat in goudkleurige letters dit gedichtje:
merel
je zingt al voor het morgenrood ik voel het niet mijn uitzicht dood en toch bij wie het duister tart belooft je lied een nieuwe start
Het boekje is een onderzoek over verlies en rouw en heet: ‘Zorg voor wie langer rouwt.’ De merel zingt hier over een kwetsbaar, nieuw begin na een donkere nacht.
De merel blijft terugkomen
In het tweede hoofdstuk van mijn eerste roman (Opgenomen) wacht een oude vrouw in haar pijn op verlichting, waarvan ze weet dat die niet gaat komen. Wanneer haar verlossing onverwacht toch komt, klinkt in de tuin het gezang van een merel.
In de roman Hoogslim schrijft een hoogbegaafd meisje van zeven, Elsie genaamd, een verhaal over twee robotvogeltjes. Ze vertelt op zeer overtuigende wijze aan haar ouders waarom het merels moeten zijn.
Vogelzang
Zingt de merel mooier dan de nachtegaal? De zang van de merel is rijk en gevarieerd, terwijl de nachtegaal een complexe en emotionele zang heeft. Het is persoonlijk wat je mooier vindt. Ik geef de voorkeur aan de merel, die vroeg in de morgen een plekje opzoekt, hoog in een boom of bovenop een huis, om daar het allereerste ochtendlicht te zien gloren, zelfs voordat wij het opmerken.
En dan gaat hij zingen! Daar word ik nou blij van. Daarom zal er regelmatig een merel opduiken in mijn verhalen.
Misschien krijgt de merel voor iedere lezer een andere betekenis. Voor mij blijft hij vooral een vertrouwde aanwezigheid die een scène even laat ademen.
Bij een nieuwe roman weet ik nooit precies hoeveel pagina’s het verhaal nodig zal hebben. Ik kan plannen en rekenen, maar uiteindelijk bepalen de personages en hun ontwikkeling hoeveel ruimte geloofwaardig voelt.
De dikte van een roman hangt af van de grootte van de letter en of het boek groot of klein is. Het hangt ook af van het genre en natuurlijk van de schrijver. Soms heeft ook een uitgever iets te zeggen over de dikte van een roman. Ik geloof dat de eerste drukken van alle ‘Baantjers’ precies evenveel bladzijden hadden.
In mijn geval ben ik zelf ook de uitgever. Dat scheelt weer. Voor mij speelt bij de dikte van mijn boeken vooral mee wat ik wil vertellen, wanneer ik vind dat het verhaal af is en of de hoofdpersonen daar aangekomen zijn waar ik ze wil hebben.
Hoe dik zijn Stevens romans dan?
Over het algemeen kan een roman tussen de 50.000 en 150.000 woorden beslaan. Daarbij zal het aantal pagina’s variëren van ongeveer 200 tot meer dan 1000. Mijn romans verschillen van dikte. Mijn eerste roman heet ‘Opgenomen‘ en bevat 38.252 woorden. Die roman heeft ‘slechts’ 158 pagina’s. Tja. Het was de eerste.
Mijn tweede roman, ‘Schijnvrede‘, bevat 86.925 woorden en is 312 pagina’s dik. Eén van de lezers schreef: ‘Gelukkig is deze dikker.’ Deel drie uit de serie heet ‘Puntkomma‘, waarin 74.192 woorden staan. Deze bevat 280 pagina’s. Dit zijn dan twee ‘echte’ romans.
Praktische overwegingen voor de dikte van een roman
Er zijn ook praktische overwegingen. Misschien zit ik dan toch even met de pet van de uitgever op. Wordt een roman te dun, dan roepen de mensen dat er te weinig gebeurt. Wordt de roman te dik, dan zijn de drukkosten hoger en moeten mensen meer betalen. Past een boek, samen met de verpakking, niet meer door de brievenbus, dan zijn de verzendkosten weer een paar Euro hoger. Lastige besluiten, waar ik eigenlijk helemaal niet mee bezig wil zijn. Ik wil gewoon schrijven.
Mijn nieuwe roman is in de maak. Ga ik voor de vrije loop van de creativiteit? Of kies ik toch voor het brievenbuspakketje? Ik heb nog niet besloten.
Een roman is voor mij dus niet klaar wanneer hij een gewenst aantal woorden bereikt. Hij is klaar wanneer er niets wezenlijks ontbreekt en niets overbodigs de vaart tegenhoudt.
Schrijven en fotograferen beginnen allebei met kijken, maar ze dwingen me tot een andere keuze. De fotograaf vangt één zichtbaar moment; als schrijver kan ik ervoor, erna en zelfs eronder kijken.
Schrijven is voor mij het vertellen van een verhaal. Ik schilder als het ware de omstandigheden, personen en gebeurtenissen. Ik probeer zo te schrijven dat de lezer het verhaal voor de ogen ziet gebeuren, van een hoofdpersoon gaat houden of er juist een hekel aan krijgt en graag wil weten hoe het verder gaat.
Hoewel ik graag fotografeer (met mijn mobiel), begeef ik me nu op glad ijs, maar volgens mij wil een fotograaf ook een verhaal vertellen. Hij wil het voorwerp of de mens (of mensen) zo in beeld brengen dat een bepaald gevoel wordt opgeroepen of een nieuwe gedachte naar boven komt. De fotograaf laat iets zien wat hij of zij mooi vindt, of wat zijn weerzin opwekt en hoopt met de foto’s deze emoties, sfeer en gedachten over te brengen.
Zowel schrijver als fotograaf gaan volgens een plan te werk. ‘Wat komt wel en wat komt niet voor in mijn verhaal en op welke volgorde’. Het vraagt om technische vaardigheden. De schrijver kijkt naar de context – waar staat dit stukje verhaal ten opzichte van andere gebeurtenissen – terwijl de fotograaf het kader creëert. Beiden doen dit om de emotie of betekenis van de foto of het verhaal te versterken. Zowel de schrijver als de fotograaf kunnen emoties oproepen of impact maken. Creativiteit is hierbij heel belangrijk.
Verschillen zijn er ook. Een pen en woorden is natuurlijk iets totaal anders dan een camera en beelden. Inzicht in taal en genres is anders dan begrip van licht en kleur.
Een prachtige samenwerking
Als schrijver zoek ik regelmatig naar een afbeelding die past bij mijn verhaal. Al jaren werk ik graag samen met Jaap (zijn mooie foto’s staan op jht-fotografie.nl). Jaap en ik kunnen lezen en schrijven met elkaar (leuke woordspeling). Voor mijn volgende boek – een literaire thriller – heeft Jaap de omslagfoto gemaakt. Om dit te bereiken hebben we samen een aantal leuke en nuttige uren rondgelopen in Amsterdam, waar het verhaal zich afspeelt, en een prachtige locatie en de juiste ‘persoon’ gevonden om te fotograferen.
Ieder zijn vak. Ik blijf schrijven.
Het mooiste vind ik wanneer beeld en tekst elkaar niet herhalen. Dan opent de foto een deur en laat het verhaal zien wat daarachter zou kunnen gebeuren.
Toen generatieve AI plotseling overal opdook, vroeg ik me af wat dat voor mijn schrijverschap betekende. Niet omdat ik mijn verhalen wilde uitbesteden, maar omdat nieuw gereedschap altijd de vraag oproept wat je zelf wilt blijven doen.
Als schrijver creëer ik verhalen. Dit kan non-fictie zijn, want ik ben een verteller die graag het verhaal vertelt van mensen die ondernemen, mensen die geloven, mensen die ergens vastlopen en nieuwe oplossingen vinden.
Het kan ook fictie zijn, verzonnen en compleet nieuw, nooit eerder bedacht of juist dichtbij de werkelijkheid en heel herkenbaar. Het creëren van verhalen kent geen grenzen.
Een schrijver bedenkt en vertelt een lang verhaal met personages, een plot en thema’s die gedurende het hele boek worden ontwikkeld. Dit vereist vaak uitgebreid onderzoek, planning en een diepgaande uitwerking van de personages en het verhaal. Een boek is niet zomaar klaar voor publicatie.
Kunstmatige intelligentie
Nu zijn er opeens allemaal computerprogramma’s in het nieuws die sterk zijn in taal. Het gaat bijvoorbeeld om ChatGPT, Bard AI, BlenderBot en anderen. Ze hebben toegang tot meer kennis en zijn snel, kunnen zinnen maken die erg menselijk lijken en al redelijk goed context te begrijpen. De vraag die opkomt is: Gaat kunstmatige intelligentie (AI) het menselijke schrijven vervangen?
Hoewel deze software krachtige is en de mogelijkheid heeft om menselijke taal te genereren, wordt het niet beschouwd als een bedreiging voor het vak van schrijven. Schrijven is een creatief proces dat vaak gepaard gaat met emoties, gevoelens en persoonlijke ervaringen die niet door AI kunnen worden gereproduceerd.
AI kan leuk helpen om standaard dingetjes te schrijven. Maar écht iets moois maken… dat laten we over aan mensen.
AI kan wel worden gebruikt als hulpmiddel voor schrijvers, zoals het genereren van ideeën of het controleren van grammatica en spelling.
Zolang ik creatief blijf
Een schrijver kan zelf (beter dan welke computer ook) creatief en origineel blijven, zelfs als er ook AI is. Schrijven gaat niet alleen over het creëren van iets echt nieuws, maar ook over het presenteren van bestaande ideeën op een unieke en originele manier.
Het is belangrijk voor schrijvers, en dus voor mij, om te blijven leren en me aan te passen aan nieuwe technologieën en methoden om mijn schrijfvaardigheden te verbeteren. AI is een mooi, nieuw hulpmiddel. Is het een bedreiging? Ik denk het niet. Het is vooral een uitdaging om relevant te blijven in een steeds veranderende wereld.
Mijn grens ligt bij de regie. Een hulpmiddel mag me laten kijken, zoeken of schaven, maar de keuzes die een verhaal van mij maken wil ik zelf blijven nemen.
Soms begint een personage als een naam en een paar eigenschappen. Pas wanneer gebeurtenissen druk uitoefenen en keuzes gevolgen krijgen, zie ik voor mijn ogen iemand ontstaan die niet meer dezelfde kan blijven.
Personages in een roman zijn vooral boeiend omdat ze zich ontwikkelen. Zijn of haar contacten met anderen zorgen voor nieuwe inzichten. Door omstandigheden kun je zomaar van gedachten veranderen, zachter worden of je juist verharden. Dat is tenminste in mijn leven wel eens het geval en daarom ook in mijn boeken.
Je ziet het voor je ogen
Het kan nog veel gekker. Een (hoofd)persoon kan ook veranderen van depressief naar optimistisch, van angstig naar moedig, of van woedend naar vergevingsgezind. Het mooie is als je deze verandering als lezer meemaakt. Ik probeer je mee te nemen in het proces zodat je het voor je ogen ziet gebeuren. Het kan echter ook een onverwachte verandering zijn vanwege een heftige gebeurtenis. Je ziet dan niet aankomen wat dit voor effect heeft op die persoon.
Het is de luxe van de schrijver om te kiezen hoe de personages zich bewegen. Daarbij probeer ik het zo te doen dat niet alleen ikzelf ervan geniet. Mijn boeken moeten jullie natuurlijk ook interesseren.
Ik plan die verandering niet altijd volledig vooruit. Soms verrast een personage mij. Juist dan weet ik dat de ontwikkeling niet alleen bedacht is, maar in het verhaal begonnen is te leven.
Soms is schrijven hard werken en wil een verhaallijn maar niet uit de verf komen. Op andere momenten voelt het alsof ik op vakantie ben in een wereld die tijdens het typen vanzelf om mij heen ontstaat.
Schrijven is soms net als vakantie Opeens ben je eraan toe Opeens weet je waar je heen wilt Rusteloos ben je totdat Eindelijk het verhaal tot rust komt op papier
Borrelende ideeën
Dit stukje poëzie kwam zomaar in me op tijdens een korte vakantie. Het is hoe het soms bij mij werkt. Een verhaal wil niet vlotten, ik vind het zelf reuze eentonig worden, of ik ben het overzicht kwijt. En dan, vaak onverwacht, is er een moment dat ik eraan toe ben. Er borrelt van alles op – ik zou echt niet weten of dat nou alleen in mijn brein is, of in mijn gevoel, of allebei – en dat moet eruit. Er komen notities, chaotisch en veel. En dan komt het moment dat ik me moet terugtrekken en moet schrijven.
Schrijven, schrijven en nog eens schrijven. Zo worden zomaar ineens vijf of tien hoofdstukken geboren. En dan voel ik me zomaar de ’trotse vader.’
Bewaren of weggooien
Meestal lees ik de nieuwe hoofdstukken thuis voor. Enthousiasme alom. De meeste teksten veranderen echter nog wel een keer. Soms onherkenbaar. Andere stukjes verdwijnen geruisloos voor altijd in het digitale niets.
Maar, ik heb geschreven en uiteindelijk is er een resultaat dat ik goed genoeg vind om naar de drukker te sturen. Het moet maar. Perfect wordt het toch nooit.
Beide kanten horen voor mij bij schrijven. Het werk maakt de lichte momenten mogelijk, en die lichte momenten geven genoeg energie om bij een moeilijke passage niet op te geven.
Moet je creatief zijn om te kunnen schrijven? Die vraag raakt mij, omdat creativiteit soms klinkt als een zeldzame gave. In mijn ervaring groeit zij juist door aandacht, oefening en de bereidheid iets op een andere manier te bekijken.
Mensen kunnen originele en waardevolle ideeën bedenken. Ze kunnen met onverwachte oplossingen komen. Dat is leuk en het heet creativiteit. Wanneer mensen iets nieuws maken of op bijzondere manier bestaande ideeën, kennis en ervaringen bij elkaar brengen, wordt als het ware ‘iets nieuws gecreëerd uit het niets.’
Een creatief boek?
Je kunt een creatief boek vaak herkennen aan de complexiteit van de personages, of juist hun eenvoudige schoonheid. Soms aan onverwachte gebeurtenissen en een origineel plot, verbeeldingskracht of een schrijfstijl die anders is dan gebruikelijk. Ik wil thema’s op een unieke manier benaderen en er op een ongebruikelijke manier over schrijven. Zo kan ik een heel nieuw licht op bestaande gedachten werpen. Zo heb ik het thema visuele beperking en hoogbegaafdheid op een manier benaderd die volgens mij nog niet eerder was bedacht.
Een mens wordt creatief door nieuwsgierigheid, openheid voor nieuwe ervaringen, anders denken – een beetje buiten de lijntjes kleuren – en door te proberen verschillende perspectieven te combineren.
Een uniek verhaal
Creativiteit in een roman kan leiden tot een uniek en onderscheidend verhaal dat lezers aanspreekt. Zo kunnen onderwerpen en thema’s verkend worden op een manier die nog niet eerder is gedaan. Dat kan lezers helpen zich meer betrokken te voelen bij het verhaal en de personages.
Tenminste, ik hoop dat mijn boeken dit de lezers biedt.
Ik hoef dus niet voortdurend origineel te willen zijn. Als ik eerlijk kijk en precies probeer te schrijven, ontstaat er vaak vanzelf iets wat alleen op deze manier verteld kon worden.